Informatiefiche Samenwerking in de agroforestrysector

08/09/2026

Deze infofiche is geschreven door Marco Bijl (FSG) met bijdrage van Sarah Carton (ILVO), en is geschreven in het kader van het Interreg-project CAMBIUM. Met revisie door Mieke Vandermersch (Praktijkpunt Landbouw). Liever deze factsheet lezen als PDF? Klik dan op: Samenwerken in de agroforestrysector.

Inleiding

In Europa kennen we met name de traditionele food-supplyketens waar op contract wordt geproduceerd, zoals vaak het geval is bij aardappelen en groenten. Of er wordt geproduceerd ‘op wereldmarktniveau’. Tarwe wordt bijvoorbeeld aangeleverd bij de maalderij of veevoederfabrikant, waarna de prijs achteraf wordt bepaald op basis van de wereldmarktprijs. Daarbij gaat het meestal om grote volumes van dezelfde teelt. Bij agroforestrybedrijven ligt dit doorgaans anders. 

Landgebruikers in de agroforestrysector planten meestal (veel) verschillende soorten en creëren zo diverse producten en inkomstenbronnen. Bijkomende voordelen kunnen bijdragen aan kostenbesparingen, zoals de eigen productie van biomassa, weidepalen of aanvullend veevoer uit voederhagen. De soortendiversiteit werkt als risicospreiding door de afhankelijkheid van één teelt, één afnemer of één markt te verkleinen en daarmee de kwetsbaarheid van het bedrijf. Tegelijk ontstaan er nieuwe kansen om verschillende markten en klantengroepen te bedienen.

Toch is de afzet via de klassieke retail of tussenhandel vaak minder haalbaar. De prijzen die deze kanalen bieden, zijn bovendien zelden rendabel voor agroforestrylandbouwers. Vandaar dat er meer wordt gefocust op lokale en regionale markten, zodat landbouwers hun producten rechtstreeks aan de eindklant kunnen verkopen, zonder tussenpersonen. Een andere piste is samenwerking. Door middelen, kennis en infrastructuur te delen, kunnen producenten bv. oogsten bundelen om grotere en consistente leveringen te realiseren. Maar hoe en met wie kun je succesvol samenwerken? En welke ervaringen zijn er tot nu toe?

In deze fiche komt het volgende aan bod:

  • Waarom samenwerken als agroforestrybedrijf?
  • Basisprincipes van samenwerken.
  • Wat zijn de mogelijke organisatievormen voor het samenwerkingsverband?
  • Wat maakt jou tot een goede partner in een samenwerkingsverband? 
  • Een stappenplan om jouw samenwerking op te zetten.

Waarom samenwerken als agroforestrybedrijf? 

Samenwerking kan veel vormen aannemen. Dat kan laagdrempelig zijn, zoals bij twee buren die samen een oogstmachine aanschaffen. Een stap verder is een economisch samenwerkingsverband, waarbij twee of meer bedrijven gezamenlijk een werknemer in dienst nemen. Dit werkt goed voor bedrijven die gedurende het jaar op verschillende momenten nood hebben aan een helpende hand. Om echt tot samenwerking te komen, zijn welbegrepen eigenbelang en het middel om het doel te bereiken van belang. Onder welbegrepen eigenbelang valt het nastreven van de belangen van individuele leden/deelnemers. Dit hoeft niet in strijd te zijn met het algemene welzijn van het samenwerkingsverband en de bredere gemeenschap. Vaak worden middelen ingezet om het doel te bereiken, zodat de eindgebruiker (bv. de consument) sneller, beter, goedkoper, innovatiever, flexibeler en/of duurzamer wordt bediend.

Enkele voorbeelden van samenwerkingsvormen binnen de agroforestrysector zijn: 

  • Kennisdeling
  • Gezamenlijke aankoop (plant)materiaal
  • Samen onderhouden of oogsten met één machine
  • Gezamenlijke verwerking en opslag van de oogst op één locatie
  • Gezamenlijke logistiek of verkoop
  • Samen promotie voeren

De basisprincipes van samenwerken

De harde en zachte kant van samenwerken

Samenwerken vraagt tijd en inzet. Het helpt om een raamwerk op te zetten en regels op te stellen die passen binnen de bedrijfsvoering. Denk bijvoorbeeld aan een helder doel (waar werken we samen naartoe?), duidelijke communicatie (hoe vaak communiceren we en via welk platform?), verantwoordelijkheid (wie is waar verantwoordelijk voor?), rolverdeling (wie doet wat?) en het belangrijkste: vertrouwen (hoe komen we afspraken na?). 

Zelfs wanneer de praktische en organisatorische kant van een samenwerking goed is geregeld, garandeert dat nog geen succesvolle samenwerking. Rollen, bevoegdheden, communicatielijnen en werkprocessen kunnen perfect op papier zijn vastgelegd, maar daarmee staat slechts de ‘harde kant’ van de samenwerking op punt. 

Er bestaat ook zoiets als de ‘zachte kant’ binnen een samenwerking, namelijk hoe mensen met elkaar omgaan. Hebben de partners respect voor elkaar en voor elkaars verschillende werkwijzen? Werken ze vanuit een gedeeld doel en de wil om samen de gewenste resultaten te behalen? Is er ruimte voor dialoog, wederzijdse erkenning en inspraak over hoe, waar, wanneer en door wie het werk wordt uitgevoerd? En niet onbelangrijk: worden afspraken daadwerkelijk samen gemaakt en gedragen en niet eenzijdig opgelegd? 

Tegelijk is het ook zakelijk belangrijk om het (maximale) rendement uit een samenwerking te halen. Dat lukt het best wanneer de relatie tussen partners sterk en constructief blijft. Een duurzame samenwerking bouw je niet op met druk, controle of een systeem van belonen en bestraffen. Ze ontstaat wanneer mensen elkaar benaderen als volwaardige professionals. 

Het is dus belangrijk dat de juiste waarden op elkaar worden afgestemd, zoals eerlijkheid, open communicatie en respect voor elkaar. Wanneer deze waarden bewust worden besproken en gedeeld, vormen ze een stevige basis voor samenwerking en verminderen ze de kans op conflicten en misverstanden. De combinatie van een mensgerichte aanpak (de zachte kant) en duidelijke afspraken, taken, verantwoordelijkheden en structuren (de harde kant) is daarbij een sleutel tot succes. 

Van netwerken naar samenwerken

Netwerken bieden de flexibiliteit om verschillende vormen van samenwerking te ontwikkelen, bijvoorbeeld binnen een bepaalde regio of rond specifieke productgroepen. Producenten kunnen er bv. voor kiezen om hun krachten te bundelen en gezamenlijk klanten te bedienen. Door samen op te trekken, kunnen zij kennis, middelen en afzetmogelijkheden delen en zo hun positie versterken. Deze manier van samenwerken sluit goed aan bij de diversiteit en het innovatieve karakter van de agroforestrysector.

Het uitgangspunt is dat agroforestry in Vlaanderen en Nederland de grootste kans op succes heeft wanneer er een sterke community ontstaat. Binnen zo'n community kunnen producenten, verwerkers, afnemers en andere betrokkenen elkaar vinden en samenwerken in verschillende vormen van netwerken. Dat creëert ruimte voor kennisdeling, gezamenlijke initiatieven en een duurzame ontwikkeling van de sector als geheel.

Tip: Bekijk de agroforestrykaart van België en Nederland en meld je bedrijf aan. Zo krijg je een beter beeld van de bestaande initiatieven, mogelijke samenwerkingspartners en de kansen die lokaal of regionaal liggen. Het verkennen van deze netwerken kan een waardevolle stap zijn om nieuwe samenwerkingen op te bouwen.

Organisatievormen van het samenwerkingsverband

Agrofoodketens, en dus ook agroforestryketens, zijn complexe systemen waarin producenten, verwerkers, afnemers en andere partijen samenwerken om producten te ontwikkelen, te verwerken, te vermarkten en bij de eindgebruiker te brengen. Afhankelijk van de doelstellingen, de schaal van de activiteiten en de behoeften van de betrokken partners kunnen daarbij uiteenlopende samenwerkings- en organisatievormen ontstaan.

De gekozen vorm van samenwerking vloeit idealiter voort uit wat men samen wil bereiken. Daarom is het zinvol om eerst gezamenlijk ervaring op te doen, vertrouwen op te bouwen en te ontdekken wat in de praktijk werkt. Naarmate de samenwerking groeit, wordt vanzelf duidelijk welke organisatorische of juridische structuur daarbij het best aansluit. Zo blijft de focus liggen op de gezamenlijke meerwaarde en ondersteunt de organisatievorm de samenwerking, in plaats van die vooraf al te bepalen. Hieronder bespreken we een aantal organisatievormen van het samenwerkingsverband die interessant kunnen zijn voor de agroforestrysector.

Convenanten of losse afspraken

Afspraken om met elkaar kennis, materialen, producten of diensten uit te wisselen, bv. door machines of arbeid te delen of in studieclubs info uit te wisselen. Het is vaak gebaseerd op een intentieverklaring die op de goede wil steunt. Dit komt regelmatig voor bij losse samenwerkingsrelaties die niet gericht zijn op de kernactiviteiten van de betrokken organisaties. 

Wanneer samenwerking verder moet gaan dan intenties, is het nodig om de samenwerkingsafspraken afdwingbaar te maken. Er zijn dan verdergaande afspraken nodig over gezamenlijke besluitvorming, doorzettingsmacht binnen de betrokken organisaties en de kosten- en batenverdeling. In dat geval krijgen andere organisatievormen de voorkeur.

Horizontale samenwerking

Bij horizontale samenwerking werken bedrijven die zich op hetzelfde niveau in de keten bevinden samen aan gemeenschappelijke doelen. Het kan gaan om gezamenlijke aankopen, het delen van kennis en expertise, of investeren in infrastructuur en materieel. Een veelvoorkomend voorbeeld hiervan is een machinering waarbij meerdere landbouwbedrijven machines gezamenlijk aankopen en gebruiken.

Een inspirerend voorbeeld is MARKvallei, een coöperatie van landbouwers uit het Pajottenland (Vlaanderen). De samenwerking ontstond vanuit een groep gemotiveerde landbouwers die individueel te klein waren om bepaalde machines rendabel aan te schaffen. Zij besloten daarom hun krachten te bundelen en samen een coöperatie op te richten. Met ondersteuning vanuit AgroBedrijfshulp en een Leaderproject konden de opstartkosten, begeleiding en administratieve formaliteiten worden gefinancierd. Hierdoor konden de beschikbare middelen maximaal worden ingezet voor de aankoop van machines.

Opvallend is dat de coöperatie niet is opgericht voor één specifieke machine. Eerst werd een sterk samenwerkingsverband opgebouwd, waarna de leden in overleg bepaalden welke investeringen het meest waardevol waren. Dit illustreert hoe een gedeelde ambitie en een gezamenlijke visie vaak belangrijker zijn dan een vooraf vastgesteld investeringsplan. Het succes van een machinering hangt echter niet alleen af van de beschikbare middelen. Een goede organisatie en coördinatie zijn essentieel. Binnen MARKvallei staat een coördinator in voor de planning en het beheer van de machines, zodat het gebruik efficiënt verloopt en de communicatie tussen de leden vlot blijft.

De ervaringen van MARKvallei tonen aan dat enkele factoren bepalend zijn voor een succesvolle machinering: een gemotiveerde groep landbouwers die de samenwerking zelf draagt, een gedeelde visie, voldoende overleg tijdens de opstartfase, open communicatie, een passende schaalgrootte en de bereidheid van de leden om tijd en engagement te investeren. Wanneer deze voorwaarden aanwezig zijn, kan een machinering niet alleen economische voordelen opleveren, maar ook bijdragen aan een sterke samenwerking tussen landbouwers. 

Klant-leverancierrelaties

Deze vorm van samenwerking richt zich vooral op de relatie tussen de klant en de leverancier en is daarmee een van de meest voorkomende samenwerkingsvormen binnen agrofoodketens. Ze werkt vooral goed wanneer producten, volumes, kwaliteit en prijzen duidelijk worden vastgelegd. Dit zorgt voor heldere afspraken en voorspelbaarheid voor beide partijen. De focus ligt dus minder op de gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de prestaties van de volledige keten. Wanneer partners ook willen samenwerken rond innovatie, risicodeling of ketenoptimalisatie, zijn meer geïntegreerde samenwerkingsvormen aangewezen.

Dit soort contractuele relaties komt ook voor in andere samenwerkingsvormen. Het voordeel hiervan is dat bepaalde voorwaarden, zoals prijzen, kwaliteitsnormen en leveringsschema's, met leveranciers, producenten of distributeurs voor de samenwerking kunnen worden vastgelegd.

Supply chainpartnerschappen 

Bedrijven kunnen ook samenwerken binnen de keten om processen beter op elkaar af te stemmen, risico’s te spreiden en gezamenlijk meer waarde te creëren. In zulke samenwerkingen werken verschillende schakels uit de keten, zoals producenten, verwerkers, distributeurs en afnemers, nauw samen rond gemeenschappelijke doelen. Deze vorm van samenwerking kan betrekking hebben op logistiek, productontwikkeling, marketing, afzet en kennisuitwisseling. Door informatie en expertise te delen, ontstaat er meer inzicht in de behoeften van de markt en kunnen producten en diensten beter worden afgestemd op de verwachtingen van de klant. Zeker in jonge sectoren zoals agroforestry kan ketensamenwerking de nodige hefboom zijn voor groei. 

Joint venture

Een joint venture is een gezamenlijke organisatie die door partners wordt opgericht. Hierbij bezitten de betrokken deelnemers ieder een deel van de aandelen. In een joint venture kan een nieuwe business worden opgezet of kunnen delen van bestaande ondernemingen worden samengebracht. Dit kan zinvol zijn in geval van ketensamenwerking, bijvoorbeeld om schaalvoordelen te benutten of een hogere effectiviteit te bereiken. Doordat een joint venture een onafhankelijke leiding heeft, kan er op het betreffende onderdeel van de keten krachtig worden gestuurd.

Coöperaties 

Boeren kunnen zich verenigen in coöperaties om gezamenlijk aan te kopen, te produceren, te verwerken of te vermarkten. Op deze manier kunnen ze schaalvoordelen behalen en hun onderhandelingskracht vergroten. Traditioneel werden coöperaties vaak opgericht rond één product of één specifieke keten, waarbij de nadruk vooral lag op schaalvergroting om grotere afnemers te kunnen bedienen. Binnen agroforestry ligt de focus breder. Schaalvergroting kan daarbij wel een middel zijn, maar niet een doel op zich en enkel in harmonie met de omgeving. 

Een goed voorbeeld hiervan is De Vroente, een samenwerking tussen de biodynamische boerderijen De Zonnekouter, Ourobouros en De Kollebloem in Oost-Vlaanderen. Deze bedrijven blijven zelfstandig, maar stemmen hun teeltplanning, prijsvorming, logistiek en afzet op elkaar af. Door gezamenlijk te produceren en te vermarkten kunnen ze een breder aanbod aanbieden, kosten delen en elkaar ondersteunen, terwijl elke boerderij haar eigen identiteit behoudt. De samenwerking is niet alleen economisch gemotiveerd, maar vertrekt ook vanuit gedeelde sociale en ecologische waarden en de ambitie om samen duurzame landbouw verder te versterken.

Producentenorganisatie

Een producentenorganisatie (PO) is een door de overheid erkende samenwerking tussen land- of tuinbouwers die tot doel heeft de marktpositie van producenten te versterken. PO's concentreren het aanbod en/of plannen de productie, en/of verlagen kosten en/of onderhandelen over betere prijzen en voorwaarden voor hun leden. Ze zijn actief in sectoren, zoals groenten, fruit en zuivel. In Nederland kunnen telersverenigingen worden erkend. In Vlaanderen is het gebruikelijker dat coöperaties of veilingen optreden als PO. 

Voor de groenten- en fruitsector is een erkenningsprocedure van toepassing, zoals beschreven op RVO.nl. Voor Vlaanderen is meer inzicht in het beleid van deze organisaties te vinden via Landbouw en Zeevisserij. Waar de markt uit balans is (boeren zijn met velen en klein, afnemers zijn met enkelen en groot), kan een PO bijdragen om deze balans te herstellen, aangezien een PO buiten de kartelwetgeving staat. Een PO kan een heel mooi instrument zijn om als landbouwproducent terug te gaan naar het eigenaarschap van je product.

Een bekend voorbeeld is de PO Nederlandse Eiwitboeren. De prijs voor eiwitgewassen wordt bij Nederlandse Eiwitboeren niet bepaald op basis van de kostprijs, maar op basis van: ‘Wat is het product waard?’ Kort samengevat ondersteunt deze groep de leden door:

  • Het beeldmerk voeren dat werd geregistreerd in 2023;
  • Als centraal aanspreekpunt fungeren voor landbouwers, onderzoek en afnemers;
  • Samenwerking stimuleren tussen producenten, bv. rond promotie;
  • Afspraken maken in de keten over vraag en aanbod volgens het wettelijk kader dat gecreëerd werd voor de producentenorganisaties;
  • Naar mogelijkheden zoeken om reststromen te verwaarden.

Deze cruciale elementen maakten de PO Nederlandse Eiwitboeren tot een succes: een open geest en vertrouwen binnen de groep en een enorme passie, gedrevenheid en vrijwillige inzet van de bestuursleden. Het beeldmerk en de data creëren daarbij extra waarde.

Multistakeholdercoöperatie

Een multistakeholdercoöperatie richt zich niet op één specifiek product of één bepaalde keten. Ze brengt juist verschillende spelers uit de agroforestrysector samen en ondersteunt de ontwikkeling van meerdere product- en afzetketens binnen een bepaalde regio. Binnen de coöperatie kunnen verschillende groepen actief zijn, zoals noten-, fruit- of andere agroforestryproducten. Tegelijk bestaat de coöperatie uit diverse ‘ledengroepen’, waaronder landbouwers en tuinders, verwerkers, distributeurs, boerderijwinkels, dienstverleners, afnemers en andere betrokken partijen.

De coöperatie fungeert als een draaischijf of verbindend platform waar vraag en aanbod, producten, diensten, kennis en expertise samenkomen. Hierdoor ontstaan gemakkelijk nieuwe samenwerkingen en netwerken tussen leden die elkaar anders lastiger zouden vinden. Dit vraagt wellicht om een goede organisatie, coördinatie en vooral een langetermijnvisie, maar biedt wel mogelijkheden om de jonge agroforestrysector beter te verbinden. Momenteel staat de agroforestrysector in Vlaanderen en Nederland nog in een ontwikkelingsfase, waardoor we een dergelijke coöperatie op korte termijn niet kunnen realiseren. 

Community Supported Agriculture (CSA), Herenboeren en Pomona

Community Supported Agriculture (CSA), ook wel ‘gemeenschapslandbouw’ genoemd, kan landbouwers ondersteunen om met agroforestry aan de slag te gaan. CSA is een landbouwvorm waarin consumenten samenwerken met boeren door middel van voedselabonnementen. Aan het begin van het kalenderjaar betaalt de consument bij de CSA-boerderij voor een oogstaandeel. Hiermee deelt de consument in het oogstrisico, waardoor de landbouwer dat niet zelf hoeft te dragen en er dus meer ruimte is om met agroforestry te experimenteren. Het is mogelijk dat CSA’s formeel worden opgezet als coöperaties. 

Bij Herenboeren (Nederland) gaat het zelfs een stap verder. Hier worden consumenten deels eigenaar van een boerderij. Ze kopen en starten feitelijk hun boerderij, maar zonder de verplichting om actief op het veld te werken. Meestal is er sprake van een betaalde bedrijfsleider. 

In Vlaanderen is er een vergelijkbare beweging gaande bij Pomona. Pomona bouwt aan een voedselproductie die goed is voor mens, milieu en lokale economie. Daarom brengen ze boeren en burgers samen om te investeren, te beslissen en verantwoordelijkheid te dragen.

Innovatieve samenwerkingsmodellen

Met de opkomst van nieuwe (digitale) technologieën, zoals slimme contracten en blockchain (een digitaal systeem dat gegevens veilig vastlegt en wordt beheerd door een netwerk van deelnemers, zodat ze achteraf niet of nauwelijks kunnen worden aangepast) ontstaan er nieuwe mogelijkheden voor transparante en gedecentraliseerde samenwerkingen binnen de agro-foodketen. Denk bijvoorbeeld aan e-commerceplatforms, direct-to-consumer-modellen en slimme logistieke oplossingen. Dit vergroot de mogelijkheden voor netwerken. De transitie naar meer netwerkgerichte benaderingen kan voordelen bieden, zoals efficiëntie, het traceren van voedsel, de snelheid van informatieoverdracht (het delen van productiegegevens) en een grotere mate van klantbetrokkenheid.  De benoemde digitale technologieën kunnen zorgen voor een extra schakel in de keten, want het platform zal door een specialist worden ontworpen en beheerd.

Uiteraard ontstaan er ook hybride modellen, waarbij traditionele elementen worden gecombineerd met innovatieve netwerkstructuren om het beste van beide werelden te benutten. De specifieke keuze zal afhangen van de doelstellingen, de aard van de branche en de marktdynamiek binnen een bepaald bedrijf.

Hoe word je een goede partner in een samenwerkingsverband?

Om succesvol deel te kunnen nemen aan een samenwerkingsverband is er een bepaalde mindset nodig. De volgende 12 persoonlijke competenties helpen om een waardevolle samenwerkingspartner te zijn of te worden:

  1. Motivatie | Gemotiveerde mensen brengen energie in een samenwerking en inspireren ook anderen. Door je enthousiasme te tonen, stimuleer je een positieve en productieve werksfeer.
  2. Hulpvaardigheid | Sterke teams ontstaan wanneer collega's elkaar ondersteunen en kennis delen. Door anderen te helpen, draag je bij aan de groei en het succes van het hele team.
  3. Omgang | Goede samenwerkingen bouwen op open en eerlijke communicatie. Durf verwachtingen, ideeën en zorgen uit te spreken, maar heb respect voor de standpunten van anderen.
  4. Verbondenheid | Wanneer collega's zich verbonden voelen met elkaar en met de organisatie, ontstaat er een sterk team. Vanuit die betrokkenheid werk je samen aan een gemeenschappelijk doel.
  5. Geven en nemen | In een team komen verschillende ideeën, verwachtingen en perspectieven samen. Een succesvolle samenwerking vraagt daarom dat iedereen bereid is om te luisteren en waar nodig compromissen te sluiten.
  6. Assertiviteit | Durf je mening en standpunten uit te spreken, met respect voor anderen. Het LISA-model (Luisteren, Interpreteren, Samenvatten en Antwoorden) helpt daarbij.
  7. Overtuigingskracht | Sterke ideeën verdienen een duidelijke en goed onderbouwde uitleg. Door je argumenten helder te formuleren, vergroot je de kans dat anderen je visie begrijpen en ondersteunen.
  8. Verantwoordelijkheid | Iedere teamspeler draagt verantwoordelijkheid voor zijn of haar taken en afspraken. Wanneer iedereen zijn rol opneemt, versterkt dat het resultaat van het hele team.
  9. Flexibiliteit | Samenwerken vraagt soms om je plannen aan te passen aan veranderende omstandigheden. Door flexibel te zijn, help je het team ook vooruit wanneer situaties anders lopen dan verwacht.
  10. Empathisch vermogen | Iedereen bekijkt situaties vanuit een eigen ervaring en perspectief. Door je in te leven in anderen, ontstaat er meer begrip en dus een betere samenwerking.
  11. Sensitiviteit | Niet alles wordt uitgesproken, waardoor het belangrijk is om signalen en behoeften van anderen op te merken. Wie hier aandacht voor heeft, kan beter inspelen op wat collega's nodig hebben.
  12. Luisteren | Neem de tijd om goed naar anderen te luisteren, zodat mensen zich gehoord en gewaardeerd voelen. Door geduldig naar elkaar te luisteren, ontstaat er meer begrip en wederzijds respect.

Stappenplan om jouw samenwerking op te zetten

Een succesvolle samenwerking ontstaat niet vanzelf. Ze begint met een gedeelde ambitie, wederzijds vertrouwen en een duidelijk inzicht in de meerwaarde voor alle betrokken partijen. Vervolgens is het belangrijk om stap voor stap afspraken, rollen en verantwoordelijkheden op te bouwen die de samenwerking ondersteunen. Daarbij geldt steeds hetzelfde principe: eerst samenwerken rond een gemeenschappelijk doel, daarna pas bepalen welke organisatie- of samenwerkingsvorm daar het best bij past. Dit stappenplan helpt je om van een eerste idee uit te groeien tot een sterke en duurzame samenwerking. Zo leg je een stevige basis voor zowel menselijke relaties als zakelijke resultaten.

  1. Identificeer belanghebbenden | Bepaal de belangrijkste belanghebbenden die betrokken moeten worden bij de samenwerking. Dit kunnen bv. ook werknemers, klanten, leveranciers, lokale gemeenschappen en investeerders zijn.
  2. Bouw een visie en missie | Werk samen met belanghebbenden om een gedeelde visie en missie te formuleren. Dit zal dienen als basis voor alle activiteiten.
  3. Bespreek het gezamenlijk en het eigenbelang |  Het concept van het welbegrepen eigenbelang van elke deelnemer moet duidelijk zijn. 
  4. Kies een rechtsvorm (of juist niet) | Kies de vorm die het beste past bij de doelen en behoeften. Welke vorm heb je nodig om het doel te bereiken? 
  5. Stel afspraken op | Dit kan formeel of informeel, maar ze moeten wel duidelijk zijn. 
  6. Verantwoordelijkheid | Benoem de verantwoordelijkheden en verdeel de taken duidelijk. 
  7. Werk aan financiële regelingen | Afhankelijk van de vorm kan dit meer of minder formeel of juridisch zijn.
  8. Communiceer en betrek | Zorg voor transparante communicatie met alle belanghebbenden gedurende het hele proces en betrek hen actief bij de ontwikkeling van de samenwerking.
  9. Start de activiteiten | Zodra de organisatie er staat, begint de uitvoering van de geplande activiteiten. Werk samen met alle belanghebbenden om de doelen te bereiken.
  10. Evalueer en pas aan | Door de samenwerking regelmatig te evalueren en bij te sturen, blijven de resultaten en de onderlinge afstemming verbeteren. Zo creëer je een samenwerking die duurzaam waardevol blijft voor alle belanghebbenden.

Conclusies

Agroforestry biedt landgebruikers kansen om hun bedrijf te verduurzamen, risico’s te spreiden en nieuwe inkomstenbronnen te ontwikkelen door een divers aanbod aan producten en diensten. Tegelijk zorgen die diversiteit, de (vaak) kleine volumes en de nog jonge ontwikkelingsfase van de agroforestrysector voor uitdagingen op vlak van organisatie, marktontwikkeling en afzet.

Dat maakt het versterken van netwerken en samenwerking tot een strategische keuze. Door kennis, middelen, infrastructuur, afzetkanalen en marktinformatie te delen, kunnen producenten en andere ketenpartners samen meer waarde creëren dan wanneer zij dit afzonderlijk doen. Daarbij vormen vertrouwen, openheid, wederzijds respect en een gedeeld belang de basis voor een duurzame samenwerking.

Succesvolle samenwerking begint steeds met een duidelijke noodzaak, een gezamenlijke ambitie en een concreet voordeel voor alle betrokkenen. Vervolgens wordt duidelijk welke samenwerkings- of organisatievorm het best aansluit bij de doelstellingen. Samenwerking is dan ook geen doel op zich, maar een middel om agroforestry verder te ontwikkelen. Door stap voor stap netwerken op te bouwen, kan een veerkrachtige agroforestrycommunity ontstaan die zowel economische, ecologische als maatschappelijke waarde creëert.

Verder lezen 

Voor wie zich verder wil verdiepen in deze materie, lijsten we hier een aantal andere publicaties over samenwerking in de agroforestrysector: 

De afbeelding op het voor- en achterblad is gegenereerd met AI: Gemini. (2026). Agroforestry boerderij met samenwerking als extra element. Gemini. https://gemini.google.com/app

Tot slot 

Met deze infofiche hopen we een correct en overzichtelijk inzicht te brengen in samenwerken in de agroforestry sector. Voor meer details of vragen: aarzel niet om contact op te nemen met het Consortium Agroforestry Vlaanderen (info@agroforestryvlaanderen.be) of Agroforestry Netwerk Nederland (Contact).

Ook interessant